vrijdag 7 mei 2010

Even een boodschap gedaan

In de Lange Groenendaal zit sinds kort (2 maanden) een nieuwe Marokkaanse winkel. Het aanbod daar is nogal gemengd: huishoudelijke artikelen, partijhandel, droge etenswaren, zoals rijst. couscous, noten, maar ook thee en kruiden. De winkel heet AoA, hetgeen staat voor "AllesopAfstand". Ze hebben ook een website (www.allesopafstand.nl), maar die is nog in opbouw.
Ik ben daar woensdag even binnengelopen en een praatje gemaakt met de man achter de toonbank. Die vertelde dat de zaak best liep en dat er steeds meer klanten naar binnen komen, vooral door mond-tot-mondreclame. Ik heb toen niets gekocht. Maar donderdag ben ik er weer naartoe gegaan en heb een zak gerooserde en gezouten gepofte maïs gekocht. Toen stonden er twee meiden achter de toonbank.
Maar echt druk was het er niet. Beide keren was er maar één andere klant in de winkel, die niets kocht. Het aanbod is ook veel meer gericht op mensen met een Marokkaanse achtergrond: dozen met zes theeglazen met van die gouden randen, peervormige, zilverkleurige theepotten en divers ongeregeld goed.
Maar we geven ze een kans...




Op vrijdag ben ik weer naar de Olijven Plaza geweest. Nu stond hier ook een jonge vrouw achter de toonbank. Ook hier heb ik wat eetbaars gekocht, en gevraagd of de concurrentie niet groot werd met al die vergelijkbare winkels in de buurt. Nou, dat viel wel mee, want zij zijn vooral gespecialiseerd in olijven. Ik kreeg trouwens de indruk dat ze het wel leuk vond, die internationale uitstraling die die hoek van de stad krijgt. Er zitten nu Marokkanen, Turken, een Iraniër, iemand van de Balkan en waarschijnlijk nog wat nationaliteiten waar ik geen weet van heb.

Heb ik nog wat geobserveerd? Ja: de inrichting van deze winkels wijkt af van winkels van niet-Moslims. Ze is veel eenvoudiger, met gewone schappen langs de muren. Veeleer brede planken, dan die officiële mooi afgewerkte winkel-inrichtingschappen.

Tot zover. Later meer

maandag 3 mei 2010

Prijsvraag

Als je goed waarneemt, klopt hier iets niet. Maar wat?
Ik verbind hier een prijsvraag aan. De eerste die via deze blog het juiste antwoord geeft, krijgt een prijsje. Die prijs bestaat uit een product uit een van de winkels die ik bezocht heb.

Vandaag weer een groepsbijeenkomst. Zoals gezegd in mijn post van 27 april, moesten we om 10.00 u verzamelen bij/in de Praxis.Want we moesten gaan waarnemen buiten ons vertrouwde gebied.

Ik heb deze bijeenkomst niet zo positief ervaren. Er zit geen structuur in. Het wordt weer precies zoals de vorige keer. Vaagheid troef. Je wordt toegesproken als een klein kind, terwijl we allemaal volwassen mensen zijn. Is het echt zo opvallend dat er ook in de Praxis branchevreemde artikelen verkocht worden? Hoe breed of hoe smal kun je de Praxisbranche maken? Of nog erger: waarom moeten wij de sociale status van bewoners van bepaalde woningen aflezen aan wat er in de vensterbank staat? Vooral de richtingloosheid van deze groepsbijeenkomsten is storend.

Maar goed. Ik heb om me heen gekeken en ik heb foto's gemaakt van wat me opviel.



















Botsing tussen oud en nieuw


















Klompen bij de Praxis


Op naar de Mallemolen





Het was vooral nat en koud, zodat we maar eerder opgehouden zijn. Het was ook allemaal niet zo inspirerend. We zijn teruggegaan naar de bibliotheek en hebben daar nog wat nagepraat. Allen hadden een beetje het gevoel dat het niet goed liep. Dat de toon en de aanpak niet optimaal zijn. En dat de terugkoppeling naar het werk onduidelijk is. Het algemene gevoelen is, dat iedereen het liefst met zijn of haar opdracht verder gaat en dat hetgeen we in die groepsbijeenkomsten zouden moeten leren daarin geïncorporeerd zou zijn. Volgende week maandag verzamelen op het archief. Intussen nadenken over gebeurtenissen en hoe je dat kunt koppelen aan je eigen werk.

Natuurlijk is het een leerproces. En ik probeer er zeker wat van te maken. De wil is er wel. Maar ik heb het allemaal al eens meegemaakt en je zou hopen dat het voor de "leiding" ook een leerproces geweest zou zijn. Maar veel verschil met de vorige keer heb ik nog niet kunnen ontdekken. Nog steeds dezelfde aanpak, nog steeds dezelfde methode, nog steeds dezelfde frustraties.

Waarnemen op Koninginnedag

Waar kun je de vermenging van culturen beter observeren dan op de vrijmarkt op Koninginnedag? Dus  vrijdag,  toen het 's middags droog was, naar de Raam gegaan om te kijken. Er gebeurde inderdaad van alles. Ik heb natuurlijk speciaal gelet op moslim-Nederlanders en ben een paar leuke situaties tegengekomen. Al slenterend over de markt zag ik een paar moeders hoogblonde poppen kopen voor hun dochtertjes.




Het mooiste moment vond even later plaats. Op een kleedje, dat beheerd werd door een jong Marokkaans gezin, stond zowaar een kunstkerstboompje! Als dat geen vermenging van culturen is...! Moeder en kind wilden wel achter het kerstboompje poseren. De moeder ging achter het boompje hurken en ik wilde een foto maken. Maar net toen ik wilde afdrukken ging de baby huilen en stond de moeder op. Daardoor is de bovenhelft afgevallen. We moeten dus niet denken dat de moeder haar gezicht niet op de foto wilde. Het was alleen een toevallige samenloop van omstandigheden. Maar zo zie je ook dat een misinterpretatie van de foto gemakkelijk gemaakt is.


In een Marokkaanse supermarkt aan de Raam hadden alle medewerkers een oranje pet op. Het is tenslotte ook hun koningin die Koninginnedag vierde.


































Natuurlijk heb ik zelf ook nog wat gekocht. En in het kader van de opdracht vond ik een passende aankoop: een prachtige kitsch-klok van goudkleurig plastik met in reliëf de moskeeën van Mekka (rechts) en Medina (links). En hij kostte maar 2 euro! Ik heb hem thuis even aan de muur gehangen, maar hij is daar niet gebleven...




dinsdag 27 april 2010

Ik geef de hoop niet op

Maandag zijn we weer verder gegaan, met een groepsbijeenkomst in de bibliotheek, onder leiding van Willem van Vliet. Kernwoorden waren natuurlijk weer "waarnemen" en "gebeurtenis".

Wat opvalt is het hoge vaagheidsgehalte, waarbij ik het gevoel krijg dat dat door de "leiding" zo gestuurd wordt. Vooral niet zeggen wat de bedoeling is. Laat een vaag begrip of idee vallen en kijk hoe daarop gereageerd wordt. Het is een concept dat niet echt economisch is: je investeert heel veel (te veel?) tijd in te weinig voortgang. (Ook een groot bezwaar bij de vorige Waterwolf; zie de eerste post hieronder: "Start".) In de dagelijkse praktijk is dat geen pluspunt.

Verder is er die ochtend gerecapituleerd wat er door iedereen gedaan is. En 's middags ben ik weer op winkeltjesjacht gegaan. Hayat is met me meegegaan. Ik dacht, dat zal toch schelen; dat zal het ijs toch wel breken...! Maar nee, vandaag alleen maar teleurstellende resultaten. Niemand van de drie winkels die we bezocht hebben wilde meedoen. De Iraniër en de Turk in de Lange Groenendaal niet, en ook de Marokkaanse supermarkt op de hoek van de Raam en de Vlamingstraat was negatief. Allemaal hadden ze zo'n beetje het idee dat een onderzoekje naar hun klandizie juist stigmatiserend is, en verschillen benadrukt, in plaats van ze oplost. Ja, ik begrijp het wel; ik zou prezies zo reageren, denk ik.
Kortom: er was vandaag niets te zien. Wat op zich ook een goede waarneming is.

Toch zou ik het jammer vinden om het idee te laten varen. Ik zal moeten overgaan op een andere strategie. Het beste is om gewoon klant in die winkels te worden en dan - terwijl ik een boodchap doe - observeren (je zou ook kunnen zeggen: "waarnemen"), wat er zoal voor interacties zijn. De eerste vragen kan ik dan aan mezelf stellen. Het maken van foto's schiet er dan wel bij in.

De volgende bijeenkomst is bij de Mallemolen, want we moeten dan gaan waarnemen buiten het vertrouwde gebied. Verzamelen bij de Praxis!!!

vrijdag 23 april 2010

El Hassouni, het Olijven Plaza en een leermoment

Gister was het zo ver. Ik heb de eerste winkeltjes bezocht, met als doel toestemming te krijgen om af en toe wat mensen in hun winkeltjes te ondervragen.

El Hassouni
Mijn eerste gang was naar de supermarkt El Hassouni in de Wilhelminastraat 27. Daar heb ik uitgelegd dat we met een project bezig zijn om verschillende Goudse bevolkingsgroepen (met name moslim-Gouwenaars en niet-moslim-Gouwenaars) bij elkaar te brengen. En dat we ervoor gekozen hebben uit te gaan van winkels die gerund worden door moslims, omdat juist daar de beide bevolkingsgroepen elkaar tegenkomen.
De heer El Hassouni was direct bereid om daaraan mee te werken; hij stond erg postief tegenover het idee. Het eerste contact was gelegd...!

















De heer El Hassouni in zijn zaak


Olijven Plaza
Vol optimisme ging ik vervolgens naar het Olijven Plaza in de Korte Groenendaal 8.  Hier ontspon zich een interessante discussie. De jonge verkoper (niet de eigenaar) beargumenteerde dat op deze manier toch weer onderscheid gemaakt wordt tussen moslims en niet-moslims, terwijl dat onderscheid helemaal niet gemaakt moet worden. Hij stond er ook op dat het Olijven Plaza niet het label moslimwinkel zou krijgen. Zijn (ik zeg toch maar "zijn", ook al is hij niet de eigenaar) winkel is voor iedereen, en iedereen stapt naar binnen voor wat er in de winkel verkocht wordt, niet omdat er toevallig een moslim achter de toonbank staat.
 Kijk, en dat is nou precies waar ik heen wil. Hij voelt zich door mij aangesproken op het feit dat hij moslim is. En daar maakt hij terecht bezwaar tegen. Hij heeft een winkel waar de mensen hun boodschappen doen. Niet meer, niet minder.
Wat ik niet helemaal duidelijk kon maken was, dat mijn uitgangspunt precies hetzelfde is als het zijne.

Leermoment
Het bezoek aan het Olijven Plaza was een duidelijk leermoment. Met welke ogen kijk je tegen de problematiek aan (er even vanuitgaand dat we van een problematiek mogen spreken: de woorden die je gebruikt zijn vaak al zó beladen...). In het ene geval wordt meteen positief gereageerd: alles wat ondernomen wordt om de boel bij elkaar te brengen is goed. In het tweede geval is er veel reserve: alles wat je doet om de boel bij elkaar te brengen laat zien dat je uitgaat van verkeerde ideeën en uitgangspunten.
Ik denk ook dat hier een generatieverschil meespeelt. De jongere generatie moslims (Olijven Plaza) staat veel zelfverzekerder in de maatschappij en is het zat om aangesproken te worden op hun identiteit. Ze zijn immers Nederlanders.

donderdag 22 april 2010

Gebeurt er nog wat in Gouda?

Hè hè, we zijn van start! Onder te titel "Gebeurt er nog wat in Gouda" is het waterwolfproject de scheepshelling afgegleden. Het heeft wel lang geduurd voordat het schip vaarklaar was. Op 19 en 20 april waren de eerste inleidende dagen. Het gaat te ver om deze twee dagen hier samen te vatten, temeer daar er vaak een soort taalgebruik, jargon, gebezigd wordt, dat niet altijd even toegankelijk is. Enkele citaten: "We hebben een heldere visie op wat we gaan doen: media maken op een niet-journalistieke manier"; of deze: "Het werktraject van nu tot het najaar: opstart van een soort relatieproces, resulterend in dingen maken in onze organisatie".

Fasen
In het genoemde werktraject worden een vijftal fasen onderscheiden:
  1. Waarnemen:  werken we vanuit de instelling, of vanuit het publiek? Tussen instelling en publiek ligt de waarneming van wat  er gebeurt, of wat er niet gebeurt
  2. Selecteren: er is van alles waargenomen. Waar gaan we iets mee doen? Wanneer is voor ons iets interessant om mee verder te gaan?
  3. Verbinden met het verleden. De selectie uit (2) moeten we verbinden met het verleden
  4. Nieuwe verhalen. Kan de selectie uit (2) leiden tot nieuwe verhalen? Komt daaruit iets van een toekomstvisie?
  5. "Media". De uitkomsten van het werktraject worden neergelegd in iets dat valt onder de noemer "media". Dat kan van alles zijn: een krantje, een feest, iets digitaals.
Vanaf punt 5 kunnen we weer terugkoppelen naar punt 1.
Het thema en uitgangspunt is HOOP, dingen die in principe zouden kunnen.

Een en ander is behandeld/duidelijk gemaakt/geadstrueerd in een aantal lezingen van Tabo Goudswaard, Det de Beus en Joost van der Net. De teksten en/of samenvattingen daarvan zullen te lezen zijn op de site www.waterwolflab.nl, die gepresenteerd is door Willem van Vliet. Dat wordt het centrale punt waarop de informatie en de vorderingen te zien zullen zijn. Ik zal op die site een link naar deze blog maken, zodat men op deze manier op de hoogte kan blijven van mijn deelproject.

Gescheiden wegen
Vanaf dit punt scheidt mijn weg zich af van de andere wegen. Op dag één zijn er groepen ingedeeld, die elk hun eigen weg inslaan. Het spreekt vanzelf dat ik alleen op de hoogte ben van wat er in mijn/onze groep gebeurt. Onze groep bestaat (naast mij) uit Carina Blokzijl (museumgoudA), Hayat Ahassad (OB Gouda) en Carolyt Koops (OB Gouda). Janine Nolen (Groenehartarchieven locatie Alphen aan den Rijn) deed hier aanvankelijk nog aan mee, maar haar rol ligt verder niet in het vervolgtraject.

Onze groep staat onder leiding van Carla Mulder (van "Lange Poten"). Ieder van ons moest iets "biografisch" schrijven. Mijn verhaal ging over mijn twee passies: Middeleeuwse handschriften (= boeken die niet gedrukt zijn, maar met de hand geschreven) en Arabische kalligrafie. De eerste passie komt voort uit mijn opleiding en wetenschappelijke bijdragen daaraan. De tweede passie komt voort uit het urgente gevoel dat niet-moslim-Nederlandsers open moeten staan voor moslim-Nederlanders. Mijn adagium: "Integratie moet van twee kanten komen". Ik wordt/werd beschouwd als tolk tussen twee werelden (heden en verleden en oost en west). En hier komt al duidelijk het thema HOOP om de hoek kijken.

Op dag twee werd iedereen van de groep naar een projectonderwerp geleid, dat tamelijk dicht bij hun voorkeuren ligt. Carina gaat de website Goudabruist (http://goudabruist.ning.com) volgen. Wat gaat daar om? Wat houdt de mensen bezig? Hayat legt letterlijk haar oor te luisteren in het nieuwe "leescafé" Zoet en Zalig in de OB Gouda. Eveneens: wat gaat daar om, waar hebben de mensen het over...? Carolyt gaat informele muziekpodia volgen. Aankondigingen van muziekevenementen in Gouda die niet door de officiële media worden aangekondigd, maar via twitter of sms. En ik ga kijken waar de moslim-Nederlanders en niet-moslim-Nederlanders elkaar ontmoeten. Hoe en waar en waarom zij zich mengen. De keuze is gevallen op een aantal winkels van moslim-eigenaren, want dáár komen beide bevolkingsgroepen bij elkaar. Mijn belangrijkste vragen zullen natuurlijk zijn aan de niet-moslim-Nederlanders: Waarom kopen zij juist daar? Wat zijn hun beweegredenen? En mijn HOOP is dat ik voorbij de te verwachten goedbedoelde cultureel verantwoorde antwoorden kan komen, en uiteindelijk de mensen dichter bij elkaar kan brengen. En dat is mijn motto: "Ik wil de boel bij elkaar brengen".